Onder het bed opruimen, waar spullen stilletjes samenkomen

Landschapsillustratie

Onder het bed lijkt er altijd wel nog een plekje over te zijn. Daardoor belanden er in de loop der tijd allerlei dingen: een koffer, schoenen, dozen en een verdwaalde sok. Het gebeurt langzaam, zodat je het pas merkt als je iets wilt pakken. Het is dus tijd om er eens alles uit te halen.

Trek het bed een stuk opzij of til het matras op, zodat je er goed bij kunt. Leg alles wat je vindt op een deken in de kamer. Kijk met een zaklamp of er nog stof of vocht is achtergebleven. Zuig eerst de vloer en de zijkanten en veeg daarna alles schoon. Nu heb je een lege ruimte om mee te werken.

Wat er mag terugkomen

Vraag je bij elk ding af of het onder het bed thuishoort. Een tas met logeerlakens of wintertruien past er goed, een koffer die je vaak gebruikt liever niet. Dingen die je dagelijks nodig hebt, kunnen beter dichter bij je liggen. Wat je al lang niet meer hebt gezien, kun je meestal zonder spijt weggeven. Vergeet ook niet te kijken of er dingen tussen zitten die kapot zijn.

Kies platte bakken met een deksel of een rits, zodat stof er niet in komt. Bakken op wieltjes zijn handig omdat je ze kunt uitrollen zonder te bukken. Vul ze niet te zwaar, want dan schuren ze en zijn ze lastig te verplaatsen. Zet er een etiket op, zodat je weet wat waar ligt. Zo hoef je niet telkens op je knieën te kruipen om te zoeken.

Schuif de bakken zo dat er onder het bed nog wat lucht overblijft. Het is niet de bedoeling dat alles vol staat, want dat maakt het schoonmaken moeilijk. Laat een stuk vrij aan de kant waar je meestal instapt. Kleding en beddengoed kunnen er het best in een stoffen zak, zodat ze kunnen ademen.

Met een korte routine blijft het onder het bed netjes. Kijk een paar keer per jaar even onder het bed, bijvoorbeeld als je het beddengoed verwisselt. Dan zie je meteen of er iets bij is gekomen dat er niet hoort. En wie 's nachts iets laat vallen, hoeft niet te vrezen dat het onder een berg dozen verdwijnt.